Iets na twaalf uur zet ik de computermuis terug in haar ratrace-radje en ik rij met de moto door een zonovergoten Mortsel richting Middelheim. Nadine heeft net gedaan met het middagmaal als ik op de zevende verdieping aankom. Ik help haar in een kleedje, geef haar haar handtas die ik veiligheidshalve voor haar bewaar en we nemen de lift naar het gelijksvloers. Een perfecte timing, want juist als we door de draaideur naar buiten stappen, parkeert Pieter zijn auto voor de deur; Pieter is andermaal chauffeur van dienst en we weten ons veilig op zijn achterbank. De rit gaat naar Duffel en Nadine beseft dat er iets staat te gebeuren dat belangrijk kan zijn voor het verder verloop van haar behandeling. Maar ze laat het niet aan haar humeur komen en de sfeer in de wagen is zo zonnig als het weer buiten.
We hebben een afspraak met Ann, de psychologe van Cepos – een instelling met specialisatie in de behandeling van cognitieve revalidatie van personen met een niet-aangeboren hersenletsel – voor een verkennend gesprek. Ik ben Chris van Kadans erg dankbaar dat ze dit contact voor ons regelde, omdat de Nadine die zij vorige week zag volgens haar niet meer dezelfde was als die waarvan sprake in het verslag van psychiater Stein van het Middelheimziekenhuis. Het is dansen op een slappe koord als we parallel aan de medische instanties zelf stappen gaan ondernemen, maar de uitzichtloosheid van de situatie op de reva-gang knoopt de veters van onze stoute schoenen stevig vast en we wandelen een groot, wit gebouw binnen.
We melden ons meer dan een kwartier te vroeg aan bij de receptie en als Nadine het zitten moe is, lopen we een paar keer door de gang tot we voorbij het kantoor van Ann lopen die ons vriendelijk uitnodigt om binnen te komen. Het gesprek dat dan volgt is net zoals in Zoersel nogal confronterend omdat de psychologe de grenzen van de realiteitszin en de beperkingen van het geheugen van Nadine afspeurt. Ann wil het risico inschatten dat Nadine de groepswerking zou bemoeilijken en ze omschrijft de problematiek dat ze Nadine niet zomaar kan terugsturen als het niet blijkt te lukken. Nadine zelf wordt er minder dan vorige keer door uit haar lood geslagen en ze blijft meer dan een half uur op haar stoel zitten, waardoor ze kan rekenen op een complimentje van mij. Ann anticipeert vriendelijk door voor te stellen om een korte rondleiding te geven, ter afwisseling. We zien een gebouw dat meer een 'home' dan een verzorgingstehuis lijkt, met een gezellige zithoek en dito refter en een erg aangename (afgesloten) tuin. Als Ann aan Nadine een lege kamer toont, merkt die op dat de kamer er nogal 'steriel' uitziet. Ann antwoordt dat als Nadine er zou komen wonen, ze de kamer zelf mag aanpassen naar haar wensen. "Da's prima", zegt Nadine, "dan zou ik deze muur willen schilderen ..."
We keren terug naar het kantoor van Ann voor het tweede deel van het gesprek en de psychologe legt uit hoe men er werkt en waar Nadine zich aan kan verwachten "als ...". Nadine heeft opmerkelijk klare reacties, bijvoorbeeld wanneer ze beaamt dat ze allemaal puzzelstukjes in haar hoofd heeft, maar dat ze hulp nodig heeft om die allemaal op de juiste plaats te leggen. Of het deze heldere verklaring is, of iets anders, weet ik nog steeds niet, maar op een bepaald moment heeft Ann een knoop doorgehakt en ze zegt dat we volgende zondag om drie uur welkom zijn ... om Nadine binnen te brengen!
Ik zou een vreugdesprongetje kunnen maken, want dit is geen lichtje aan het einde van de tunnel, maar een serieuze zonnestraal. Ann vermeldt voor de volledigheid dat ze nog wel het akkoord nodig heeft van de artsen van het Middelheim, maar ik kan me niet voorstellen dat die ook maar één bezwaar kunnen maken. Het afscheid is bijna vriendschappelijk en de lente lijkt nu echt begonnen.
Pieter staat geduldig te wachten en als ik voorstel om het goede nieuws te vieren op een terrasje, toont hij dat hij de streek kent. Nadine is nu ook in feeststemming, want ze bestelt een serieuze coupe ijs met extra chocoladesaus. Op de terugweg bellen we de mama van Nadine op om de doorbraak te melden en als we aankomen op 7B merken we dat het nieuws sneller reisde dan wijzelf. De assistent van de revalidatie-arts die vorige week nog erg sceptisch reageerde toen ik over Cepos vertelde, staat nu te glunderen en ik laat mijn cynische reactie maar in mijn binnenzak zitten.
Na het eten maken we nog een wandeling – we hebben een leuk stukje natuur gevonden op het dak van de Craeybeckxtunnel – en we ronden de dag af in de cafetaria. Een kelner die Nadine al enkele weken ziet evolueren, vindt de sprong die ze de laatste dagen maakt dermate indrukwekkend dat hij haar een pluimpje geeft en ik weet mijn prognose van een nakend kantelpunt gesterkt.
We maken Nadine niet meer vast 's nachts – de verpleegsters vinden ingenieuze systeempjes uit met bezemstelen en vuilbakdeksels om te maken dat ze het horen mocht ze alsnog uit haar kamer komen en nadat ik Nadine nog eens proficiat wens en haar toedek, verlaat ik met een zucht van verlichting het ziekenhuis rond acht uur. Hendrik en Rita – bij wie ik de laatste weken op dinsdag mijn voetjes onder tafel mocht steken – zitten aan zee, maar dochter An en haar vriend Kristof nemen de rol naadloos over en ik praat honderduit over de voorbije dag terwijl ik zit te smullen van het mediterraans gerechtje. Wat heerlijk om zo'n vrienden te hebben!
Ik besef dat een blog niet de meest elegante manier is om slecht nieuws te verpakken. Maar er zijn zoveel mensen die op de hoogte gebracht én gehouden willen worden van wat Nadine en Ellen meemaken sinds die fatale ochtend van 19 december, dat ik toch dit medium verkies.
Ik leerde het bloggen eigenlijk pas kennen door Nadine en de manier waarop zij ons pleegzorgverhaal met vrienden en kennissen deelt. http://dineblog.blogspot.com/
Ik ben er zeker van dat ik mag rekenen op tact en respect bij het lezen van en reageren op deze berichten. Mag ik ook aandringen op enige omzichtigheid bij het doorgeven van de url van deze blog aan anderen? Alvast bedankt
Geen opmerkingen:
Een reactie posten